De revival van het Junior Songfestival

Even leek het of het Junior Songfestival het niet zou redden. Steeds meer landen haakten af, zodat op een gegeven moment Nederland en Zweden nog de enige West-Europese landen waren die meededen. 2013 lijkt een scharnierpunt te zijn want het JESC bloeit weer helemaal op. Dit jaar doen er maar liefst zestien landen mee aan het festival op Malta. ESF-Magazine ging op zoek naar de aanleiding van deze opmerkelijke revival. Gelukkig hoef je dan niet lang te zoeken, want Kath Lockett, head of press van JESC, is altijd bereid om je te woord te staan • Door: Erik Bolks •

Kath Lockett ontmoette ik in Kopenhagen terwijl wij beiden op de bus stonden te wachten om naar het perscentrum te gaan. Inmiddels zijn we Facebookvrienden en naar aanleiding van dit artikel sprak ik met haar. Ik leg haar uit dat ESF Magazine dit najaar het thema ‘Revival’ heeft gekozen en dat het Junior Songfestival daar ook een raakvlak mee heeft. Haar eerste antwoord luidt: “’Revival’ is the perfect way to describe it!”

En gelijk heeft ze: wie gaf twee jaar geleden immers nog een stuiver voor het Junior Songfestival? Na een succesvolle beginperiode raakt het JESF na de editie in 2007 (Rotterdam) in verval. Jaarlijks haken twee à drie landen af, en daar komen slechts zelden landen voor terug. De komst van drie debutanten naar het festival van 2012 in Amsterdam kan niet voorkomen dat er dat jaar een dieptepunt van slechts twaalf deelnemers wordt bereikt.

Kentering in gang gezet door nieuw team
Een halfjaar later doet EBU Event Supervisor Sietse Bakker afstand van het Junior Songfestival. Hij mag zich voortaan op de volwassen versie richten. Vladislav Yakovlev krijgt de ondankbare taak om ‘het Junior’ nieuw leven in te blazen. Het is dan juli 2013 en voor de aankomende editie hebben zich nog maar zeven (!) landen ingeschreven.

kath en vlad“Het water stond Vlad aan de lippen,” aldus Kath Lockett. “De EBU vroeg mij of ik hem wilde assisteren als Head of Press, en vervolgens zijn wij tweetjes als idioten aan de slag gegaan. Gelukkig klikte het meteen goed tussen ons. Vlad is een aardige gast, hij staat open voor nieuwe ideeën.” Naast een open geest heeft Yakovlev blijkbaar ook een vlotte babbel. In een tijdsbestek van drie maanden haalt hij vijf landen over om mee te doen aan het festival in Kiev.

Daarna begon het pas echt, vertelt Lockett. “We kregen in september toegang tot het Facebook-account van het Junior en in oktober gingen we vol op Twitter. Dat is hét medium om in contact te staan met je doelgroep: de kinderen.” Lockett en Yakovlev schuwen daarbij hun persoonlijke verhaal niet. Lockett tweet af en toe zelfs over haar hondje. “Moet kunnen. Een beetje gekkigheid spreekt kinderen wel aan.”

Tegen de tijd dat het JESC in Kiev plaatsvindt, zijn de protesten op het Onafhankelijkheidsplein in volle gang. “Misschien heeft dat ons wel geholpen om nieuwe deelnemers te vinden. Landen die zich verbonden voelden met de inwoners op dat plein, wilden er juist nu bij zijn.” Zangeres Ruslana laat haar pauzeact tijdens de Junior-finale schieten; ze treedt in plaats daarvan op voor de protesteerders op het Onafhankelijkheidsplein. Het doet het Junior uiteindelijk geen kwaad. Met een gelijkgebleven deelnemersaantal en toenemende populariteit op internet is Kiev 2013 een onverwacht succes.

Logo_JESC_all

Eind 2013 is het aantal Facebook-likes verdubbeld naar 40.000 en heeft het JESF 1000 volgers op zowel Twitter als Instagram. “Een kleine maar fanatieke fanbase. Daarbij zijn we enorme geholpen door de inbreng van Alexander Kroger Degerfeldt (‘Eurovision with toys’) en het team in Kiev met onder andere de fantastische cameravoering door Jan De Mulder en Stijn Smulders.”

Die toename in populariteit moet zich in 2014 gaan uitbetalen in meer deelnemende landen. Met die doelstelling beginnen Lockett en Yakovlev aan het nieuwe seizoen, waarin ze zich voor het eerst een compleet jaar op het Junior Songfestival kunnen richten. “Het stond voor ons als een paal boven water, dat we alle vragen van fans en journalisten via alle mediakanalen moesten beantwoorden. Die taak is mij op het lijf geschreven! Ik houd ervan om met mensen in contact te staan. Ook met de deelnemende kinderen. Het was zo treurig om te zien hoe sommige kinderen zwaar teleurgesteld uit de wedstrijd kwamen omdat ze hun plaats niet goed genoeg vonden. Ik troostte ze in mijn armen en met de gedachte dat ze altijd nog de beste in eigen land waren, zodat welke eindnotering ze ook behaald hadden, er niet toe deed. Niemand zou ze de ervaring meer af kunnen nemen. Ze waren op TV geweest in heel Europa. Wie kan dat nazeggen?”

Success story via social media
Na het festival in Kiev publiceert de Twitter-account van het JESF al het laatste nieuws over de deelnemers. De fans kunnen hierdoor op de hoogte blijven, terwijl de jonge artiesten weten dat zij niet vergeten worden. “Deze persoonlijke aanpak maakt dat wij nu het hele jaar door foto’s, clips, nieuwtjes van oud-deelnemertjes plaatsen. Ik krijg hiervoor alle steun. We hebben zelfs ons JESC-team verrijkt met de komst van Luke Fisher. Onze visie is dat wie ons benadert, het altijd verdient om beantwoord te worden.” En met succes. De likes en volgers stromen binnen, en het festival van 2014 kent een prachtig deelnemersaantal van zestien landen.

junior

Het verhaal van Lockett en Yakovlev is een success story van goed gebruik van social media. Het is tevens een bewijs voor de theorie dat je een succesvol imago van onderaf moet opbouwen. Lockett: “Als het festival populair is, komen de deelnemers daarna vanzelf. De eindeloze belrondes van Vlad hadden succes in 2013, maar dat geluk heb je niet elk jaar. Je moet een goede basis opbouwen.”

Maar hoe zit het dan met het volwassen Songfestival? De basis lijkt daar, met honderden miljoenen kijkers, voldoende aanwezig. Toch blijft het deelnemersveld wisselend, met afhakers en terugkeerders. Lockett begrijpt daar weinig van. “Wanneer een land ‘slechte resultaten‘ heeft behaald, dan is wegblijven niet het juiste antwoord. Je komt over als een slecht verliezer en dat is niet sportief.”

“Voor de landendelegaties heb ik nog wel een advies: zie het perscentrum als een feest! Daarbij moet je geen onderscheid maken tussen de grote omroepen en de kleine websites. Iedereen moet evenveel toegang hebben tot de artiesten voor interviews, nieuws, repetities. Dat doe ik als representante van het JESC, maar dat zou elke landendelegatie ook moeten doen.

Andersom is het ook een wisselwerking. Artiesten kunnen geen zes uur lang interviews afgeven, zeker kinderen niet! Journalisten zouden daarom misschien ook interviews met andere media tegelijk kunnen doen. Al met al heeft iedereen elkaar nodig. De omroep, de artiesten, de pers. Dus wees altijd vriendelijk en benaderbaar.”

AZBARM

Lockett: “Een van de foto’s op onze Facebookpagina is toch wel heel speciaal. Die is van de afterparty van vorig jaar. Daar dansten twee kids samen. De ene komt uit Armenië en de andere uit Azerbeidzjan…”


Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *