De sleutel tot succes (5) • Rekwisities

Er wordt soms gezegd dat er geen succesformule bestaat voor het songfestival. In eerdere rubrieken hebben wij al aangestipt dat dit een misvatting is, maar De sleutel tot succes’ is nog nooit echt uitgewerkt. Tot op heden!• Door: Dennis van Eersel •

We sloten ons najaarsthema ‘Buiten de gebaande paden‘ er al mee af in de rubriek Myth Busting: Er is wel degelijk een Sleutel tot succes op het Eurovisie Songfestival. In zes tweewekelijkse delen ontrafelen wij de mythe verder op ESF Magazine en komen tot een handleiding voor de zes kernpunten om te scoren op het songfestival.

Dit voorjaar gaan we ‘De sleutel tot succes’ beschrijven, perfectie benaderen door het onderscheiden van drie essentiële factoren: Beeld – Geluid – Emotie. In aflevering vijf richten we ons wederom op de factor Beeld. We hebben al aangegeven dat een regieplan en de juiste cameravoering essentieel is. Maar er moet ook iets zijn om in beeld te brengen. Sommige nummers en artiesten hebben iets extra’s nodig. Met rekwisieten, of juist door de act zo klein mogelijk te houden, kan je zorgen dat het totaalplaatje helemaal klopt.

Props en attributen

Het belangrijkste in deze sleutel tot succes is dat een delegatie moet aanvoelen welk nummer, en welke artiest wél een tastbare visuele hook nodig hebben. En welke act dat juist niét nodig heeft, omdat het alleen maar kan afleiden van de puurheid van een bijdrage.

Als we het hebben over het juiste gebruik van rekwisieten, op het songfestival bekender onder de Engelse noemer props, dan kom je al snel uit bij de Griek Fokas Evagelinos. Deze regisseur heeft bizar veel succes geboekt door met redelijke liedjes een hoge notering te scoren vanwege een geweldige visuele hook in de act.

Denk aan de glazen box met de gespiegelde danser erin bij Farrid Mamadov uit Azerbeidzjan. Dat idee komt uit de koker van Evagelinos, die ook Dima Bilan aan zijn zege hielp in 2008. De voorbereiding is alles, zei Evagelinos in Wenen nog in een interview dat wij namens ESC Daily met hem hadden. En de sleutel is dat aan het eind van de rit, de focus er altijd blijft op de artiest en niet de showelementen an sich.

Want logischerwijs hebben landen geprobeerd om het succes van Fokas Evagelinos te kopiëren. Maar zoals dat vaker gaat bij kopieergedrag op het festival. De kern en de essentie van het originele succes zit soms dieper verstopt. Soms zorgt een minder extravagante act voor meer punten. In 2008 werd Oekraïne nog tweede, aan hand van de Griekse stage designer, om een jaar later all the way te gaan. Maar bij Svetlana gebeurde er zo veel op het podium en in beeld, dat zij visueel werd weggeblazen door haar eigen act. Daarnaast had de grote hoeveelheid aan rekwisieten geen enkele connectie meer met het totaalplaatje van het lied.

Props moeten bijdragen aan het totale gevoel van een inzending. Zomaar wat ‘gekke dingen’ op het podium laten gebeuren is niet de juiste manier van het gebruik van rekwisieten. Er moet een gedachte achter zitten.

Nog een voorbeeld van overkill is de performance van Kejsi Tola uit Albanië, eveneens in Moskou 2009. Hier zijn geen echte rekwisieten, maar ook de backings kunnen in dit kader ingeschaald worden. De dansers om haar heen beelden figuren uit haar verbeelding uit, dat is wel duidelijk. Maar het is zo’n bizar vreemde afleiding, dat de kracht van haar sterke vocalen erdoor verzwakt werd. En dat is zonde, een gemiste kans.

Het is best lastig, want de lijn is dun. Vorig jaar in Wenen, gebeurde er bij Tsjechië juist weer te weinig in beeld. De enige visuele herinnering die het lied ‘Hope never dies‘ ons geeft is het werpen van een schoen. Zelfs een ballad moet iets in beeld hebben waardoor de act spannend blijft en iedereen drie minuten lang geboeid blijft kunnen.

Wat dat betreft dat Estland het in hetzelfde jaar een stuk beter. Ook zij hadden een ballad tussen een man en een vrouw. Dezelfde basis qua beeldplaatje dus, als bij de Tsjechen. Maar Stig Rasta en Elina Born hadden een volledig uitgewerkt staging concept, waardoor met het licht een vorm van props werden gecreërd en het camerawerk de rest van het werk deed. Hun liefdesverhaal werd daardoor geloofwaardiger en memorabeler. De drie minuten van Estland lijken gevoelsmatig korter te duren dan die van Tsjechië.

Want een goed totaalplaatje zorgt er voor dat mensen naar hun scherm willen blijven kijken. Mensen zijn geboeid en willen weten wat er hierna gaat gebeuren. Zaak is hierbij dat het geheel wat enigszins natuurlijk aan blijft voelen. Steltlopers, een dansende robot, goochelaars, een draaiorgel of een complete ratjetoe van dit alles. Ik zeg niet dat het allemaal niét kan werken, behoudens de laatste link (serieus, bekijk het slechtste optreden uit de songfestivalhistorie, probeer de volle drie minuten uit te zitten, en bedenk dat dit géén laatste werd!), maar het geheel moet wel enige samenhang hebben.

In de laatste aflevering van deze reeks gaan we het nog hebben over oprechtheid in de factor Emotie. Als mensen de artiest niet geloven, dan zal er ook geen groot succes worden geboekt. Het totale plaatje van de inzending valt of staat met de geloofwaardigheid van de hoofdpersoon die het uitvoert. Maar daarover meer in twee weken.


3 Comments


  1. // Reply

    Dit werd GEEN laatste ?
    Wat was er nog slechter dan?
    Ik heb de hele 3 minuten uitgezeten en het werd steeds valser.


    1. // Reply

      Gelukkig zingen ze het zelf in het begin ‘Wrong , it felt so wrong’

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *